19/4/9 - Halsbandparkieten

Gisteren dacht ik even het noorden kwijt te zijn. Maar ik ben wat dat betreft zeker niet alleen. In een ooghoek meende ik gisteren drie groene vogels te zien wegstuiven van het overdekt terrasje aan mijn huis en atelier in Sint-Niklaas. Ik twijfelde of het zinsbegoocheling betrof. Misschien waren het duiven, blauwe geschelpten?

Misschien hadden de vogels de klaagliederen gehoord van Loplop en Popol, twee blauwe Agaponissen die er gehuisvest zijn en zich op onbewaakte momenten (door het hout van de kooi) een weg naar de vrijheid knagen en vooral hun voedsel kwistig in het rond strooien.

Vandaag vertelde mijn zoontje van acht jaar (Isaac) dat ik niet bevreesd moet zijn; dat er een zestal groene halsbandparkieten in het stadspark wonen en “hij ze weet zitten”. Natuurpunt geeft hem gelijk.

Het is fijn om een vogelspotter in de rangen te hebben. Vandaag is hij met zijn mama naar het Zwin, met een verrekijker die ik ooit kreeg van mijn vader en nieuwe laarzen van Dunlop. Ik kan niet mee maar krijg te zien dat hij opgetogen is, al heb ik nog niet vernomen of ze effectief een vogel gespot hebben. Ik heb er alle vertrouwen in dat dergelijke activiteiten hem mooie herinneringen opleveren. Dat is opvoeden, en dat doe je dus samen.


Vandaag kreeg ik hulp van Paul. Ik ken hem omdat hij ooit werkte in een kantine waar ik wel eens over de vloer kwam. Vorig jaar was hij ook een van de toehoorders van het seminarie dat ik ingericht had rond de WORK FLOW tentoonstelling en kort daarna dook hij ook in het bijhorende boek dat ik had samengesteld. Afgelopen zomer ging ik in op het verzoek om zijn atelier eens te bezoeken. Ik had moeite om zijn werk te plaatsen, maar was gecharmeerd door een breed referentiekader en zijn persoonlijk streven om een eigen weg te vinden. Hij blijkt een geschikte partner en zal nu als nieuwe resident ook meevaren op de ark van het Blauwhaus. We aten als pauze een broodje in het park en ontmoetten een dame wiens pols recentelijk ‘gereconstrueerd’ werd met een deel uit haar heup. Op de terugweg zag ik een veld blauwe bloempjes. Het waren vergeet-me-nietjes. De Plant Snap-app wist het niet meteen, gelukkig ontbreekt het me niet aan een beetje boerenverstand.


Deze ochtend zag ik iets met bruinvissen… ik weet nog niet waarom maar zal het uitpluizen. Misschien heeft het iets te maken met onze meermin uit het gemeentelijk wapen van Waasmunster? Er zit in elk geval muziek in. Een jonge rakker die met plezier elke week naar de academie komt in Waasmunster en luistert naar de naam Lucas, timmerde de voorbije weken een houten kamer voor zijn knuffel ‘Bruintje de beer’, hij schilderde het interieur blauw maar doopte het om tot Bluinhaus (omdat ik de oorspronkelijke benaming ‘Blowhaus’ toch wat ongelukkig gekozen vond). Blauw en bruin, ik lees over vissen en leer: dat was ooit inwisselbaar. Ik gaf reeds aan dat zijn beer waarschijnlijk graag een raam heeft om naar buiten te kijken.

Ondertussen voer ik een strijd tegen de bureaucratie, een strijd voor meer sociale autonomie. Het lijkt niet evident om iets op touw te zetten dat vier weken later ingericht moet worden en een investering van ca. 120€ vergt om twee dichters aan het woord te laten.

En ik lanceer een editie om geld in te zamelen voor het project. Vrijdag ga ik de proefdrukken bekijken…